Draṣtā - द्रष्टा - Het getuigenbewustzijn
Onder alle bewegingen in onze geest is er een diep stil bewustzijn dat je het gevoel geeft dat je bestaat. Het is zelfs bij afwezigheid van gedachten, emoties, beelden die je ziet en lichaamsgevoel gewoon aanwezig. Dit pure bewustzijn “de toeschouwer” is een onpartijdige waarnemer van alles wat er zich in je afspeelt. Het persoonlijke bewustzijn ziet alles met zijn filters, er is overal wel een mening over en dit overschrijft wat je meemaakt. Als je dit in een meditatieve toestand overstijgt wordt er niet als individuele waarnemer gekeken. Er is dan geen persoonlijke doelstelling, geen verwachting, geen verwijzing naar het geheugen of een bepaalde autoriteit. Alleen maar helder waarnemen, verder niets.

Een andere naam voor “ het zelf”
Het Getuigenbewustzijn wordt ook wel “ de ziener” genoemd. Het is gewoon een andere naam voor Atman (het Allerhoogste Zelf). In het Sankrit heet de toeschouwer Draṣtā. De getuigen die op de achtergrond alles gade slaat maar zich nergens mee bemoeid. Het “ zijn zonder doen” .

Soetra’s van Patanjali
1:2 Yoga is het tot rust brengen (nirodha) van de schommelingen van de geest (chitta).

1:3 Dan blijft de toeschouwer (het getuigenbewustzijn) in (zijn) essentiële aard.

1:4 Op andere momenten is er (van het Getuigenbewustzijn) vereenzelviging met de schommelingen van de geest.

Pananjali schreef daarom dat we meestal onze innerlijke oergrond of achtergrond van puur bewustzijn en stilte aan het negeren zijn. De onrust overstemt het. We verliezen onszelf in gedachten, emoties en andere schommelingen. Je bewustzijn wordt rustig en helder als je vanuit je kern kunt observeren.

Gedachten als ruitenwissers
Stel jezelf voor dat je in een auto rijdt en het regent. Je zet de ruitenwissers aan om beter te kunnen zien. In plaats van naar de weg te kijken blijft je met je ogen de ruitenwissers volgen. Hierdoor neem je niet goed waar. Stel je nu voor dat je door een bos loopt. Je bent alleen maar bezig met denken. Hierdoor heb je de wind op je wangen, de geur van de bomen en het geluid van de vogels niet waargenomen. Om de beeldspraak aan te houden heb je alleen maar naar de ruitenwissers gekeken.

Identificatie
Patanjali geeft aan dat verdriet en lijden te maken heeft met de identificatie van het zuivere Getuigenbewustzijn met onze waarnemingen, gedachten en emoties. Gedachten en emoties zijn de kleuren van het leven, ze komen en gaan en dat is prima. Als je ze echter vast houdt trekken ze je uit evenwicht. Door een kras op de plaat blijft de naald hangen en stroom je niet verder. Als je op een gegeven moment door hebt dat je gevangen zit in beeldvorming laat je jezelf naar de achtergrond terug zakken om breed te kunnen kijken. Dit zorgt voor de loskoppeling of beter gezegd, je laat jezelf niet meer meeslepen.

Back to top